Selecteer een pagina
Waarom wij unschooling overwegen voor onze dochter

Waarom wij unschooling overwegen voor onze dochter

Hier in Zwolle hebben we best een ruime keuze aan basisscholen. Je hebt keuze uit jenaplan, montessori, de vrije school, christelijke scholen of gewoon een openbare basisschool. We hadden veel goeds gehoord over de leuke Jenaplan school hier in Zwolle. 

Schoolkeuze

Dit is een van de scholen waar de hippe en bewuste Zwolse ouders hun kroost elke ochtend heen brengen. En wel met goede reden, ze scoren goed op lijstjes en als je de rillingen krijgt van traditioneel onderwijs moet je bij deze school zijn. Er wordt vrijwel niet klassikaal lesgegeven, de kinderen maken hun taken op hun eigen tempo en in de klassen zitten kinderen van verschillende leeftijden door elkaar. Toch begint het bij mij te knagen. Is school eigenlijk wel een geschikte plek om te leren?

Volwassenen bepalen

Natuurlijk leren kinderen een hoop op de basisschool. Je leert er lezen en rekenen bijvoorbeeld, maar kinderen leren er ook veel dingen die ik niet perse waardevol vind. Zoals dat er iemand de baas is en dat je moet doen wat diegene zegt zonder hier kritisch op te zijn. Dat de volwassenen het beter weten en dat de kinderen dus maar moeten leren wat de volwassenen belangrijk vinden. Deze dingen druisen erg in tegen onze vrije en onvoorwaardelijke opvoeding. Ik geloof namelijk dat een kind zelf heel goed weet wat het wil leren. Natuurlijk is het belangrijk om een stimulerende omgeving te creëren waar het kind geprikkeld wordt tot ontdekken en verwonderen. Ik denk alleen dat school niet perse deze plek is. 

Ieder kind hetzelfde

Een stimulerende omgeving is in mijn ogen een omgeving waarin het kind in vrijheid verschillende dingen kan ontdekken, op scholen is dit vaak niet het geval. Er wordt klassikaal lesgegeven of er wordt gewerkt met taken. Ook denk ik dat individuele begeleiding belangrijk is om je leerproces vorm te geven. Iets wat tegenwoordig haast onmogelijk is voor leraren. Ze geven vaak les aan 30 kinderen tegelijk en dan kun je gewoon niet elk kind de aandacht en tijd geven die het nodig heeft. Daarnaast bieden scholen vaak een vast curriculum aan. Dat is wat alle kinderen aan het einde van hun schooltijd moeten weten en kunnen. Tegenwoordig is er wel wat meer ruimte voor het feit dat niet alle kinderen het zelfde tempo hebben, maar dat alle kinderen het zelfde moeten leren is nog steeds de norm.

Zelf weten wat je wil weten

Tieners zeggen het meestal zelf al. “Deze lesstof heb ik later toch niet nodig!” en ik vind dat ze daar een punt in hebben. Want wat moet een manager met de stelling van Pythagoras en waarom zou een timmervrouw moeten weten wanneer de koude oorlog was afgelopen? Waarom zou niet iedereen leren wat die gene wil leren? Wat ik van de middelbare school heb onthouden zijn de dingen die ik echt interessant vond zoals geschiedenis en biologie. Dit waren vakken waar ik intrinsiek voor gemotiveerd was. In andere vakken zoals wiskunde en economie had ik totaal geen interesse. Er werden machtsmiddelen ingezet om mij aan het rekenen te krijgen. Vaak in de vorm van bangmakerij ‘zonder wiskunde heb je later minder studiekeuze!’ of ‘Als je nu weer een onvoldoende haalt blijf je zitten’. Deze tactiek heeft niet gewerkt, ik zakte liever een niveau om deze vakken te kunnen laten vallen.

Passie en betekenis

In mijn ogen kun je alleen echt iets leren als je intrinsiek gemotiveerd bent. Dit kan zijn omdat je gepassioneerd bent over iets, maar ook als jij iets belangrijk vindt om te leren. Door kinderen te beoordelen en cijfers te geven vertellen we ze wat wij (als volwassenen) belangrijk vinden. Hierdoor raken kinderen verder verwijderd van wat zij zelf belangrijk vinden. Zoals ik eerder al schreef in mijn blog over bewust ouderschap; een kind hoef je niet te kneden tot een persoon, dat is hij namelijk al. Unschooling gelooft er in dat een kind intrinsiek gemotiveerd is om dingen te leren en dat de volwassene het kind hier in volgt. Het kind wordt dus vrij gelaten in wat het wil leren en wanneer. 

Unschooling zo radicaal als je wilt

Dit kan gedaan worden in verschillende gradaties. Sommige unschoolers kiezen er voor om wel enige structuur aan te brengen voor hun kind, het kind te stimuleren en te begeleiden in hun leerproces. Er bestaan ook radical unschoolers. Zij laten hun kind zo vrij dat het alles zelf mag bepalen. Hoe laat hij naar bed gaat en wat ze wil eten. Dit is radicaal anders dan hoe we nu met kinderen om gaan, maar het is ook de manier waarop we het grootste gedeelte van onze menselijke geschiedenis gedaan hebben. Voordat we de landbouw uitvonden leerden kinderen door vrij te spelen. Ze gingen op ontdekkingstocht, imiteerden volwassenen en leerden doormiddel trial en error, vallen en opstaan. 

Natuurlijk leren

 Unschooling wordt daarom vaak ook natuurlijk leren genoemd. Een kind leert van de volwassenen om hem heen, hij kijkt bij verschillende mensen hoe het moet en leert zo verschillende vaardigheden. Als je kind naar school gaat brengt het het grootste gedeelte van de dag door met leeftijdsgenootjes en één volwassene. Het kind kan dus het grootste gedeelte van de dag maar bij 1 volwassene ‘afkijken’ en doordat het verder omringd wordt door leeftijdsgenootjes kan het ook niet oefenen in een volwassen rol door bijvoorbeeld te helpen zorgen voor een jonger kind. Door je kind tijdens het unschoolen in contact te brengen met verschillende mensen, jong en oud kan het veel leren op een natuurlijke manier. Dit lijkt mij gewoon een nuttigere manier van leren dan het stampen van feitenkennis.

21st century skills

Want wat moet je in de 21e eeuw met al die kennis als kennis gewoon in je broekzak zit, een swipe van je af? Ons schoolsysteem leidt kinderen niet op voor de toekomstige maatsschappij, maar voor de huidige. Geheel contraproductief. Wat moet een 21e eeuws kind met een extra taal als zijn telefoon elke taal die er maar bestaat voor hem kan vertalen? Waarom zal je leren rekenen als je altijd een rekenmachine bij je hebt? Totaal onbelangrijk in mijn ogen. Een kind van de 21e eeuw heeft vaardigheden nodig zoals probleem oplossend vermogen, creativiteit en sociale vaardigheden. Dingen die kinderen van nature vaak al bezitten en spelenderwijs prima tot ontplooiing komen. 

Kinderarbeid

Begrijp me niet verkeerd, ik ben heel blij dat we een leerplicht hebben. Dit heeft heel wat kinderen het verschrikkelijke lot van kinderarbeid bespaard. Een werkend kind is nog veel erger dan een naar schoolgaand kind. Toch zie ik het liefst een spelend kind. Die al spelend leert en zo uitgroeit tot een prachtig persoon die van zijn passies zijn werk kan maken en dat is waarom wij unschooling overwegen!

Het zijn net mensen

Het zijn net mensen

Ik loop over de groente en fruit afdeling van de supermarkt. Het is rustig en ik vang flarden op van het gesprek wat twee andere winkelaars hebben. “ik had toch al gezegd dat we genoeg fruit hebben, Sanne.” hoor ik een mannenstem zeggen. Ik kijk terloops in de richting van mijn medewinkelaars en zie hoe Sanne een tros bananen terug legt in het schap. De man duwt zijn wagentje alweer verder en roept “treuzel niet zo, we hebben niet de hele dag de tijd!”. Het tweetal verdwijnt in het gangpad met producten uit de Italiaanse keuken. 

Stroopwafels

Ik kom ze even later weer tegen op de afdeling met koffie, thee en koekjes. Ik zie Sanne met een pak stroopwafels in haar handen staan en ik hoor de gebiedende stem van de man. “Leg dat terug!” Sanne verroerd zich niet. De man grist de stroopwafels uit haar handen en legt ze terug op de plank. “Ik zeg nee en je doet het alsnog” zucht de man zichtbaar geïrriteerd. Ik hoor een zachte snik. Het ziet er naar uit alsof alles teveel wordt voor Sanne. “Nee, je gaat hier niet lopen huilen!” zegt de man met een dreigende stem. “waag het niet om me voor schut te zetten!” Hij pakt haar ruw bij haar hand en sleept haar mee richting de kassa’s.

Een ongezonde relatie

Waarschijnlijk heb je ondertussen al geraden dat bovenstaand stukje gaat over een vader en zijn dochter. Want volwassenen praten doorgaans niet op zo’n toon tegen elkaar. Als het wel over twee volwassenen zou gaan dan zou je meteen weten dat deze twee mensen geen gezonde relatie met elkaar hebben. Is het dan eigenlijk niet vreemd dat het het in onze samenleving dan wel ok is om zo met onze kinderen te praten? In mijn optiek is dat juist nog kwalijker want een volwassenen heeft de keuze om een ongezonde relatie te verlaten en een kind niet. 

Geen uitzondering

Misschien vind je dit wel een extreem voorbeeld. Maar ik denk dat dit redelijk reflecteert hoe we doorgaans met onze kinderen omgaan. Het klopt dat dit een momentopname is, dat ik niet weet wat voor een stressvolle dag deze vader heeft gehad of met wat voor thuissituatie hij worstelt. Toch denk ik dat dit soort taal geen uitzondering is. Als ouder “mag” je van onze samenleving je kinderen gebieden, corrigeren en straffen. Het is geaccepteerd om je macht in te zetten. Want jij weet het beter en daarom is jou wil wet.

Kinderen zijn ook mensen

Eigenlijk vind ik dit heel vreemd. Kinderen zijn toch ook mensen? Waarom mogen we dan op een andere manier met ze omgaan dan met volwassenen? Als we terug kijken naar het voorval met Sanne en haar vader en we nu eens voorstellen dat haar vader aan het winkelen was met zijn vrouw. Hoe zou hij dan met haar praten? Ook als hij erg gestrest was zou hij vast niet tegen zijn vrouw zeggen dat ze geen bananen mag pakken en niet zo moet treuzelen. Hij had zijn haast vast en zeker op een andere manier kenbaar gemaakt. “lieverd ik heb echt een hele drukke dag gehad en wil het liefst zo snel mogelijk weer thuis zijn, zullen we een beetje opschieten?” 

Een dun laagje

Ik denk dat we kinderen zo behandelen omdat we er van uit gaan dat ze ‘opgevoed’ moeten worden. Dat de mens van nature slecht is en wij onze kinderen zo moeten kneden dat het goede mensen worden. Het geloof dat we woeste beesten zijn die getemd moeten worden komt waarschijnlijk voort uit ons Christelijke verleden. Een mens wordt immers zondig geboren volgens de kerk. Om onze kroost de gift van de beschaving bij te brengen werd er opgevoed met harde hand. Natuurlijk zijn we steeds minder hard gaan opvoeden, maar het is nog erg gebruikelijk om je macht te gebruiken als ouder. 

Bewust van je macht

Als ouder heb je heel veel macht over je kind. Jij bent immers veel groter en sterker, jij hebt meer invloed, kennis en meer geld. Deze macht wordt vaak ingezet om het kind dingen te laten doen die de ouder wil dat het kind doet. Jij wil dat je kind bijvoorbeeld zijn spruitjes op eet. Je kan dan verschillende machtsmiddelen gebruiken omdat gedaan te krijgen. Je kan je kracht inzetten om je kind de spruitjes te laten eten door het te slaan of te dwangvoeren. Gelukkig zetten de meeste ouders dit soort macht (niet meer) in. Ook kun je macht inzetten door te belonen of te straffen met je woorden. Je zegt bijvoorbeeld dat je kind een lekker toetje krijgt als hij zijn spuitjes op eet of dat hij juist geen toetje krijgt als hij ze niet op eet. Wees je bewust van deze macht en probeer zo deze zo min mogelijk in te zetten!

Opvoeden is overbodig

Je denkt nu misschien: maar hoe zorg ik er dan voor dat mijn kind doet wat ik wil? Het antwoord hierop is heel duidelijk: dat doe je niet. Het is niet jou taak om het gedrag van je kind te vormen. Je kind is gewoon een volwaardig persoon en heb er vertrouwen in dat je kind een goed persoon is. Het klinkt misschien gek, maar opvoeden is echt niet nodig. Je kinderen doe namelijk toch wat jij doet en niet wat jij zegt. Dus zolang jij het goede voorbeeld geeft dan komt het goed. Ik las laatst ergens de geniale uitspraak “opvoeden hoeft niet, wees gewoon goed gezelschap.” en hier probeer ik naar te leven.

Hoe kan het ook?

Ik hou bij het opvoeden eigenlijk een belangrijke vuistregel in acht en dat is dat ik mijn kind behandel als een volwaardig mens. Bij alle omgang die ik met mijn kind heb denk ik dan ook “zou ik ook zo met mijn partner omgaan?”. Als het antwoord “ja” is dan zit ik op de goede weg. En ik doel hier met name op dat ik haar met het zelfde respect behandel als een volwassene. Ik heb niet dezelfde verwachtingen van haar als dat ik van een volwassene heb. Zo hou ik altijd haar leeftijd en ontwikkeling in mijn achterhoofd. Ik verwacht bijvoorbeeld geen empathie als ze me in een baldadige bui slaat of bijt. Zich verplaatsen in anderen is voor een peuter erg moeilijk, ze hebben pas net ontdekt dat ze zelf gevoelens hebben. 

Bewust ouderschap

Deze ouderschapsfilosofie zonder straffen en belonen kent vele verschillende namen en stromingen; onvoorwaardelijk ouderschap, bewust ouderschap, natuurlijk-, mindful- en peaceful ouderschap, maar in de kern zijn ze gelijk. Ze geloven er allemaal in dat een kind een volwaardig mens is en die dus niet het kunstje van ‘beschaving’ moet leren. Ik heb hier ondertussen erg veel over gelezen en ben er ook heel gepassioneerd over. Ik deel graag in volgende blogs meer met jullie over deze ouderschapsfilosofie. 

Wanneer de roze wolk pikzwart is

Wanneer de roze wolk pikzwart is

Jezelf voortplanten is een behoorlijk ingrijpende gebeurtenis in het leven van een mens. Dat een baby krijgen vrij heftig kan zijn daar is tegenwoordig best wat aandacht voor. Het roze wolk verhaal waar we jonge moeders mee bestookten wordt gelukkig steeds minder vaak gepropageerd. In mijn ervaring wordt er gelukkig tegenwoordig best veel gesproken over de emotionele achtbaan die een baby met zich mee brengt. In voorlichtingspamfletjes van je verloskundige en in babybladen uit de blije doos wordt ook gewaarschuwd voor de zogenoemde baby blues en wordt er ook niet geschuwd om over een postnatale depressie te praten.

Een duister geheim

Echter denk ik nog steeds dat er veel vrouwen zijn die hun gevoelens geheim houden en niet durven praten over wat ze echt voelen en wat voor nare gedachtes er echt door hen heen gaan. Ik ben vanaf het begin vrij open geweest over dat ik het moederschap zwaar vind en dat ik me depressief voelde. Ik verklaarde het vaak door te zeggen dat ik een postnatale depressie heb, maar eigenlijk heb ik helemaal geen officiële diagnose. Mijn huisarts noemt het ‘moodswings’ en probeert me steeds af te schepen met antidepressiva.

Triggerwarning

In deze blog wil ik graag mijn ervaring delen over hoe ik me de afgelopen maanden heb gevoeld, hoe ik me er doorheen sla en ik wil hierbij juist ook wel mijn diepste en duisterste gedachten beschrijven. Dingen als ‘het gaat niet goed met me’ of ‘ik ben depressief’ dekken gewoon echt de lading niet. Deze blog is voor alle mensen (of het nou moeders, vaders of mensen zonder kinderen zijn) die ook met dit soort emoties en gedachtes kampen, omdat ik geloof dat het beter is om er open over te praten, ook al is dat moeilijk. Dus hierbij alle triggerwarnings die er in het boekje staan. (Deze blog zal vol staan beschrijvingen van zelfmoord, kindermoord, zelfbeschadeging, totale hysterie en wanhoop, ook al zijn veel dingen nooit echt gebeurt ze worden wel in detail beschreven.)

Een impulsieve beslissing

Laten we bij het begin beginnen en dan bedoel ik natuurlijk het begin van onze mooie dochter Voske. Voske is een echte liefdes baby. Mensen gaan er eigenlijk altijd van uit dat ze een ongelukje is omdat ze al na zes maanden daten werd verwekt. Tegen deze mensen zeg ik altijd dat ze een impulsieve beslissing was en geen ongelukje. Want ze was zeer zeker geen ongelukje en deze zwangerschap was zelfs mijn tweede. Onze eerste liefdes baby zijn we een paar maanden eerder (nog voor de eerste echo) verloren. Ookal was deze miskraam fysiek totaal niet heftig er waren letterlijk maar een paar druppels bloed omdat mijn lichaam de vrucht weer geresorbeerd had, toch vond ik het een vrij heftige gebeurtenis. Ik kon het ook met weinig mensen delen omdat je dan moet bekennen dat je na 3 maanden relatie al zwanger probeert te worden en ik had geen zin in alle opgetrokken wenkbrouwen en goed bedoelde ‘maar, je kent hem nog maar net!’ preken.

Totale ontkenning

Vanwege deze eerdere miskraam verkeerde ik de eerste weken van de zwangerschap in totale ontkenning. Bij mijn eerste zwangerschap voelde ik me super zwanger die eerste weken, zo’n wee gevoel in je buik, gevoelige borsten etc. Bij mijn tweede zwangerschap voelde ik deze dingen gewoon niet, noppes, nada, of ik wilde het gewoon niet voelen. Gelukkig bleek op de eerste echo alles goed te zijn, ondanks dat bleef de angst voor een miskraam nog steeds erg groot. Ik vond zwanger zijn eigenlijk totaal niet leuk eerst ben je bent misselijk verschrikkelijk moe, daarna krijg je banden pijn en is de angst dat je kindje te vroeg komt nog steeds erg groot, vervolgens ben je zo mega dik dat je niks meer kan, alles doet zeer en slapen lukt voor geen meter.

Een emotionele achtbaan

De emotionele achtbaan begon bij mij dus al tijdens de zwangerschap, ik was onzeker (wat vrij normaal is volgens mij) en erg bang om mijn kindje te verliezen. Ook had ik last van veel huilbuien. Je hoort wel eens dat zwangere vrouwen emotioneel worden en snel huilen, dus bij het zien van schattige puppy’s krijgen ze tranen in hun ogen. Maar dit soort emotioneel bedoel ik niet, ik bedoel gewoon echt complete huilbuien, waarbij je zo overstuur raakt dat je begint te hyperventileren. Ik kon voor mezelf ook niet altijd een oorzaak aanwijzen, waarom ik zo verdrietig was.

Een roze wolk

Toen Voske geboren was voelde ik me moe maar heel gelukkig. De eerste week hebben we echt op een roze wolk gezeten. Ik had het gevoel dat we dit konden dat en dat we heel gelukkig waren met z’n drietjes. Maar na een week ging het steeds slechter met mij. Voske huilde veel en zoals elke baby sliep ze natuurlijk steeds korte dutjes. We wisselden elkaar af met slapen, maar het brak mij echt op. Ik ben altijd al een moeilijke slaper geweest en dat werd nu extra versterkt. Compleet uitgeput was ik, maar als ik in bed lag kon ik niet in slaap komen. Sommige nachten lag ik alleen maar te huilen omdat ik zo moe was.

Een diepgeworteld schuldgevoel

Het huilen bracht in mij een diepgeworteld schuldgevoel boven. Als ze huilde (en ze huilde echt hard, ze had duidelijk veel pijn) voelde ik me persoonlijk verantwoordelijk voor haar pijn en alle pijn die ze in haar leven zou hebben. Al die pijn zou mijn schuld zijn, elke geschaafde knie, elke nachtmerrie en elk gebroken hart wat ze zou hebben, zou allemaal mijn schuld zijn, omdat ik haar het leven had gegeven. Ik begon het leven zelf steeds somberder in te zien, dus begon het geschenk van het leven als een vloek te zien. Ik vond het verschrikkelijk wat ik haar had aan gedaan, door haar op de wereld te zetten.

Een moordlustige moeder

Het huilen ging door merg en been en ik wilde gewoon dat het stopte, wanhopig was ik. Ik had gedachtes waarbij ik voor me zag hoe ik met haar naar het kanaal fietste en haar in het water gooide. Ik zag regelmatig beelden voor me waarbij ik een kussen op haar gezicht drukte of haar hoofd herhaaldelijk op de rand van haar bedje sloeg en bloed en hersenen alle kanten op vlogen. Als dit soort dingen door je hoofd heen gaan, dan voel je je de meest waardeloze moeder op aarde. Ik vond op die momenten niet dat ik het verdiende om te leven en vond het wreed van mezelf, dat ik Voske opzadelde met een moordlustige moeder. Dus moest ik zelf maar dood, maar als ik dan ‘s nachts snikkend in de bestekla stond te staren voelde ik me nog waardelozer, want welke moeder laat nou haar kind in de steek?

Een dun laagje

Gelukkig ging het langzaam steeds beter. Baby’s gaan na een tijdje lachen en lijken het dus niet alleen verschrikkelijk te vinden op aarde, het slaapgebrek begint gek genoeg ook te wennen en na een tijdje gaat je kindje, over het algemeen, steeds langere stukken slapen. De nare beelden van infanticide verdwenen gelukkig vrij snel weer, maar de gedachtes aan zelfdoding steken nog regelmatig de kop op. Ik voel  me overwegend goed, maar ik merk dat het een heel dun laagje is.

De meest waardeloze persoon op aarde

Er hoeft maar iets heel kleins te gebeuren, een kritische opmerking van iemand, een hectische week wat resulteert in een chaotisch huishouden of de plotselinge realisatie dat onze afvalbak zich nog steeds in een rap tempo vult met restafval, kunnen me weer helemaal in een negatieve gedachtespiraal storten. Dan voel ik me de meest waardeloze persoon op aarde en vind ik dat ik het niet verdien om er op rond te lopen. Ik wordt dan overspoeld door gevoelens van wanhoop en intense zelfhaat. Dit resulteert vaak in huilbuien, woede en gedachtes waarin ik mijzelf het liefst helemaal open snij.

De officiële cijfers

Kortom het gaat een stuk beter met me dan een jaar geleden, maar ik ben nog steeds niet helemaal beter. Ik denk ook dat ik niet de hulp heb gekregen die ik nodig had gehad en ik vrees dat er meer vrouwen zijn met een Post Partum Depressie die niet wordt opgepikt door de gezondheidszorg. Volgens de officiële cijfers wordt ongeveer 1 op de 8 vrouwen depressief voor of na de bevalling. Ik ga er van uit dat dit dan de vrouwen zijn die ook echt een diagnose krijgen en dat ik hier dan niet in zou vallen. Ook zullen er veel vrouwen rondlopen met dit soort gevoelens, maar zich teveel schamen en hiermee nooit naar de huisarts stappen.

Het werkelijke aantal

Ik vermoed dus dat dit cijfer van 1 op de 8 vrouwen erg laag is ingeschat. Dat het werkelijke aantal veel en veel hoger ligt. Een vermoeden wat ook wordt uitgesproken door Camille Metha, een vrouw die zelf met post partum depressie heeft geworsteld en zichzelf de missie heeft gegeven om het taboe rond deze ziekte te doorbreken, in haar TEDx talk. Ik heb veel moeders in mijn omgeving gevraagd naar hun ervaringen en gevoelens rond de geboorte van hun kinderen of het nu afgelopen jaar was of dertig jaar geleden, tot nu toe heb ik nog van geen enkele moeder gehoord dat ze al die tijd op een roze wolk heeft gezeten. Natuurlijk zal er vast wel eens een uitzondering zijn, maar in mijn ogen is de roze wolk een behoorlijke fabel. Laten we die alstublieft uit de wereld helpen en gewoon eerlijk zijn over het feit dat een kind op de wereld zetten gewoon echt heel erg heftig is.

Het einde van de borstvoeding

Het einde van de borstvoeding

Het is ondertussen drie dagen geleden dat Voske voor het laatst uit mijn borst heeft gedronken. Met pijn in mijn hart heb ik besloten om het zo te laten, om het niet meer te proberen, om te stoppen met de borstvoeding. Ik had een erg sterke wens om lang te voeden. Ik zag mijzelf al voor me met een kleuter aan de borst. De ultieme hippie moeder die zich geen reet aantrekt wat voorbijgangers er van vinden als ik mijn borsten in het openbaar te voorschijn tovert om mijn rondrennende kleuter te voeden. Iedereen die mij van repliek zou durven dienen door te vragen ‘is ze daar niet een beetje te groot voor ondertussen?’ zou ik met keiharde feiten om de oren slaan. Want de natuurlijke speenleeftijd van de mens ligt zo rond het 7e levensjaar en borstvoeding is bovendien hartstikke gezond.

Nu ik heb besloten om te stoppen zal ik geen lang voedende hippie moeder zijn en dat doet pijn. Ons borstvoedings-avontuur begon zo goed. Gelijk na de geboorte, nog voor de placenta er was, dronk ze al aan mijn borst. De melk kwam goed op gang en Voske groeide als kool. Na 6 maanden werd het echter een worsteling. Ze wilde overdag niet aan de borst. Ze vond alles om haar veel te interessant. Overdag kreeg ze dus borstvoeding in een flesje, maar ik was het kolven al snel zat. Dan maar kunstvoeding. Zolang ik haar ‘s ochtends en ‘s avonds aan bleef leggen zou het wel goed komen met mijn productie. Ik had er vrede mee dat ze hoofdzakelijk kunstvoeding kreeg, als ik maar lang zou kunnen voeden. Het leek me zo’n heerlijk momentje op de dag, even samen met je kindje in alle rust aan de borst. Dat wilde ik graag jaren volhouden omdat ik er van overtuigd was dat we dat allebei fijn zouden vinden. Alleen die rust dat werd steeds minder. Voske leek het helemaal geen fijne rustgevende bezigheid meer te vinden. Bijten, weg duwen en schreeuwen zodra ik haar probeerde aan te leggen. De nachtvoeding bleef als enige over. Na een tijdje ging ze vaker nachten door slapen, iets waar we natuurlijk heel blij mee zijn, maar toen verviel ook de nachtvoeding. Vergeefs probeerde ik haar in haar slaap aan te leggen voor ik zelf ging slapen, maar zelfs dan was het drama.

Mijn baby wil de borst niet meer en ik heb geen zin meer om de worsteling aan te gaan. Ook de verschrikkelijke jeuk tijdens het voeden vanwege mijn eczeem weegt mee in dit besluit. Er is vast hulp van een lactatiekundige mogelijk, ik zal mijn productie op peil kunnen houden door te kolven, een ander zalfje tegen de eczeem kunnen smeren, etc. Maar ik heb er geen zin meer in. Vooral niet nu ik eindelijk echt kan genieten van mijn dochter nadat ik het eerste halfjaar heb geworsteld met een post partum depressie. Ik wil de fijne tijd met mijn kindje niet  bederven met kolven en kopzorgen om de borstvoeding door te zetten.  Ik zal dus geen lang voedende hippie mama zijn en dat zal ik moeten accepteren. Al voelt het wel een beetje als falen en doet het me groot verdriet.

borstvoeding moederschap